Hoe moet je de cijfers op www.jegemeentetelt.be interpreteren? Professor Wouter Van Dooren, specialist lokale besturen aan de Universiteit Antwerpen, licht hieronder enkele belangrijke vaststellingen toe op basis van de uitgaven van 2018.

De investeringen van de Vlaamse gemeentes piekten in 2018.

2018 was een verkiezingsjaar, en dat zie je ook aan het uitgavepatroon van de Vlaamse gemeenten. Als we de uitgaven van alle Vlaamse lokale besturen (dus de gemeentebesturen, OCMW’s en Autonome Gemeentebedrijven) optellen, zien we dat de uitgaven vanaf 2014 jaar na jaar stijgen. In 2014 gaven de lokale besturen samen 15,7 miljard uit; in 2018 waren hun totale uitgaven goed voor bijna 22 miljard.

Die trend kan je voor een deel verklaren door het investeringsgedrag van gemeentebesturen. Gewoonlijk liggen de investeringsuitgaven van gemeentes een stuk hoger tijdens de laatste jaren van een legislatuur, en pieken ze tijdens een verkiezingsjaar. Dat komt omdat veel politici tegen de verkiezingen willen uitpakken met nieuwe realisaties, maar daarnaast kosten investeringen ook tijd om te plannen. Soms duurt dat meerdere jaren, waardoor het investeringsvolume pas tegen de tweede helft van een legislatuur kan pieken.

Wel liggen de totale investeringsvolumes tijdens deze legislatuur lager dan in de vorige. De piek in 2012 was lager dan in 2006 en het dal in 2014 was dieper dan het dal in 2008. Dat hoeft echter niet per se problematisch te zijn: niet elke investering is immers even zinvol. Investeringen moeten per project op hun toegevoegde waarde beoordeeld worden.

De provinciehoofdsteden budgetteren het meeste aan zorg en opvang, behalve Brugge

Met Je Gemeente Telt ontdek je niet alleen de begroting van 2018, maar ook het meerjarenplan voor 2019. Hierin voorziet Antwerpen in totaal net geen miljard euro, ofwel 27% van haar budget aan het beleidsveld ‘Zorg en Opvang’. Dat is een iets groter aandeel van het budget dan in Brugge (26%), Gent (24%) en Hasselt (22%) voorzien is. Leuven is echter de koploper, en reserveert zelfs bijna een derde van haar budget voor Zorg en Opvang. Die categorie omvat bijvoorbeeld de uitgaven voor de OCMW-taken, kinderopvang, ouderenzorg en activering van werkzoekenden. In alle provinciehoofdsteden is Zorg en Opvang de grootste uitgavenpost voorzien voor 2019, behalve in Brugge. Daar is de categorie ‘Algemeen bestuur’ de grootste, wat deels kan verklaard worden door de aanbouw van een nieuw concertgebouw.

Ook is het opvallend dat van de vijf provinciehoofdsteden enkel in Brugge en Leuven ‘Cultuur en Vrije Tijd’ in de top-3 staan van de geplande uitgaven voor 2019. Misschien valt dat deels te verklaren door de toeristische functie van die steden. Een opvallende vaststelling over Hasselt is dat het bestuur 16% van haar budget aan mobiliteit voorziet. Dat is in verhouding 4 keer zoveel als andere grote en regionale Vlaamse steden. Antwerpen plant verhoudingsgewijs dan weer veel meer te investeren in veiligheid: maar liefst 12% van het budget. Dat aandeel ligt een stuk hoger dan de andere provinciehoofdsteden, die van 7 tot 10% schommelen. Voor een deel kan dat een bestuurlijke keuze zijn, maar Antwerpen is natuurlijk ook een grootstad met een gigantische haven. Die context vereist specifieke aandacht voor veiligheidszorg.

Je mag echter niet te snel conclusies trekken op basis van die cijfers. Het kan bijvoorbeeld dat bepaalde steden taken opnemen die anderen uitbesteden, waardoor zij minder uitgaven hebben voor bepaalde categorieën. Antwerpen organiseert bijvoorbeeld nog een groot stedelijk onderwijsnet, terwijl niet elke centrumstad die taak nog opneemt. Het is dus belangrijk om de lokale context goed te kennen. Niettemin zijn de cijfers een goed vertrekpunt om die lokale context te vergelijken.